Franchiseadvocaat

Mr M.S.J. Steenhuis - Franchise advocaat

In aansluiting op het in deze reeks reeds eerder gepubliceerde artikel betreffende het recht van een franchisegever om zijn franchise-organisatie aan een derde partij over te dragen zal in onderstaand artikel een en ander nader worden uitgewerkt.

Mr D.L. van Dam - Franchise advocaat

Franchising mag zich de laatste jaren in een steeds stijgende belangstelling verheugen. Het is al vaker aan de orde geweest: verloopt de samenwerking in het kader van een franchise-formule naar behoren, dan hebben zowel de franchisegever als zijn franchisenemers baat bij die samenwerking als gevolg van onder andere schaalvergroting, kennisdeling en ondersteuning en begeleiding met raad en daad. In de praktijk komt het echter nog al eens voor dat een franchise-formule wordt geïntroduceerd in een branche die zich naar zijn aard niet in de eerste plaats voor franchising leent.

Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat

In franchise-overeenkomsten zijn nog al eens bedingen opgenomen die voortzetting van de franchise-relatie afhankelijk maken van de tussen franchisegever en franchisenemer in de toekomst te bereiken overeenstemming op basis van "de dan geldende franchise-overeenkomst".

In de praktijk betekent dit dat de franchisenemer op het moment van contractsverlening geconfronteerd kan worden met een nieuwe franchise-overeenkomst.

Mr M.S.J. Steenhuis - Franchise advocaat

In de afgelopen jaren heeft inmiddels een ruime hoeveelheid jurisprudentie het licht doen zien betreffende het niet behalen van de prognoses door de franchisenemer. In het merendeel van deze uitspraken wordt het niet behalen van de prognoses door de franchisenemer gekoppeld aan de zorgplicht van de franchisegever. Indien de lijn van de diverse uitspraken wordt gevolgd, blijkt hieruit dat bij tegenvallende resultaten van de franchisenemer de franchisegever verplicht is advies en bijstand te verlenen teneinde het ongunstige financiële tij van de franchisenemer te keren.

Mr D.L. van Dam - Franchise advocaat

Uittreedregelingen In franchise-overeenkomsten en daarmee vergelijkbare samenwerkingsovereenkomsten is met enige regelmaat een regeling opgenomen inhoudende dat de rechten uit die overeenkomst, al dan niet tezamen met het bedrijf van de franchisenemer, kunnen worden overgedragen onder specifieke in die overeenkomst opgenomen voorwaarden. Een voorbeeld van een dergelijke voorwaarde is dat de rechten in kwestie eerst dienen te worden aangeboden aan de franchisegever.

M.S.J. Steenhuis - Franchise advocaat

In verreweg de meeste franchise-overeenkomsten is een zogenaamd post-contractueel non-concurrentiebeding (in het vervolg kortheidshalve te noemen: “non-concurrentiebeding”) opgenomen. De strekking van een dergelijk non-concurrentiebeding is dikwijls dat het de franchisenemer niet is toegestaan om gedurende één jaar na het einde van de franchise-overeenkomst in zijn rayon dan wel het vestigingspunt van waaruit hij zijn onderneming exploiteerde een soortgelijke onderneming, in dezelfde branche, te exploiteren.

J. van Koetsveld - Franchise advocaat

In de meeste franchise-overeenkomsten is bepaald dat na beëindiging van de franchise-overeenkomst de voormalige franchisenemer zich aan een concurrentiebeding dient te houden. Een concurrentiebeding geldt normaliter voor een periode van één jaar na beëindiging van de overeenkomst en tenminste voor het vestigingspunt dan wel het voormalige exclusieve rayon van de franchisenemer.

Inhoud syndiceren